9 juli 2014

Blauwe liefde

Gesponnen, getwijnd... klaar om van te genieten... klaar om cadeau te geven... en natuurlijk een paar stalen voor mezelf...





8 juli 2014

De creatieve kwaliteit van traagheid

6 juli 2014
 

Wonderlijk hoe de kleinste aanpassingen het grootste verschil kunnen maken!

Na een dag vol feestgedruis, voorafgegaan door een week vol chaos, is het vandaag broodnodig rusten, hangen en alle indrukken verwerken. Ik wil zoals altijd dolgraag aan de slag met mijn projecten, maar er komt logischerwijs niets uit mijn handen. Of toch wel...

Tijdens het hangen kan ik het nu eenmaal niet laten om aan mijn werk te denken. Ik blijf kijken naar de halffabricaten om me heen. Ondanks mijn atelier leg ik ze soms in huis, om ze gaar te laten sudderen. Zo ligt er een schapenvacht, gedrapeerd in de vorm van een nachtvlinder. Hij ligt er al een paar weken. Ik heb er zoveel ideeën voor. Daar is nooit een gebrek aan. Maar wat nodig is, is de 'klik'. Ik moet voelen: 'dit is het, dit moet het worden'. De verschillende wegen van verhaal, symboliek, concept en esthetiek moeten elkaar kruisen. Binnen en buiten moeten samenvallen. Een moment dat niet door mij te bepalen is.

Dat is soms frustrerend. Dan is de eerste aanzet er spontaan, maar de volgende stap wil maar niet duidelijk worden. Allerlei richtingen voelen wel aardig, maar toch net niet. Dan wil ik ermee aan de slag. Maar ik kan niet verder werken en weet ook niet wanneer ik wel verder zal kunnen. Over een week? Over een jaar? Het is wachten geblazen. Mijn hersens pijnigen helpt niet. Ik moet het loslaten. Dan maar verder met een ander project. Maar hoeveel projecten kan een mens naast elkaar doen? En komt het dan wel ooit af?

Toch ligt zo'n projecten in de tussentijd niet stil. Steeds weer kijk ik ernaar. Denk erover na. Voel of er al iets komt. Ik pluk er eens aan, verschuif wat. Word wakker met een beeld. Overweeg de vele opties in mijn hoofd. Zoek informatie op over iets wat me te binnen schiet. Vraag alvast na hoe ik een praktisch probleem kan oplossen. Maak een schets bij een gevoel wat opkomt. Neem weer afstand.

Het is dit mijmeren dat misschien wel de helft van het werk is. Dat lijkt soms lui. Weer zo'n stomme Calvinistische overtuiging in mijn hoofd. Lui is het is het helemaal niet! Mijn innerlijke creatieveling werkt als een dolle, al is dat alleen waarneembaar voor mezelf. Het is bovendien cruciaal in het creatieve proces. Het lijken kleine stapjes, die heel traag genomen worden. Maar ondertussen!

Zo heb ik vandaag zitten, liggen en lopen mijmeren over mijn vachtvlinder. Ik heb er wat aan geplukt. Ik heb letterlijk maar een paar lokken verschoven. Maar zijn vorm is er zó anders door geworden. Precies dat wat hij in dit stadium nodig heeft. Net dat wat ik nog miste. Een aanpassing die ik al duizend maal in radicale mate overwoog, maar die ik steeds weer te veel ten koste vond gaan van de essentie. Ik dacht in een kringetje. Maar zo subtiel als dit kan het ook. Natuurlijk! Zo subtiel is het genoeg, precies goed zelfs. Dat ik dat niet eerder zag!

Misschien kan ik door deze kleine grote stap nu door naar de volgende. Misschien is dit wat er nog nodig was om het vervolg te kunnen zien. Misschien kan ik zeer binnenkort 'aan de slag'.

En misschien ook niet. Misschien is er nog meer gemijmer en gepluk nodig. Of iets anders. Het doet er steeds minder toe. Het gaat om kwaliteit. Kwaliteit in resultaat én daarom ook in proces. Wie werkelijke kwaliteit wil bereiken, moet daar - desnoods en misschien wel juist in deze wereld van tempo, efficientie en cijfers - de kwantitijd voor opofferen.



My first rolags

My first rolags! Waar een penseel al niet goed voor is. Ruwe wol van het bonte schaap op de kaardemolen gemengd met gekleurde merinowol en zijde. Experimentje alvast voor boom nummer 3. Al een stukje gesponnen. Betoverend al die kleuren! Snel verder.

20 juni 2014

Kleurspectrum voor boom nummer 2

Het kleurpalet voor boom nummer 2 is bijna compleet. Ruim zes van de acht kilometer spindraad is klaar. Met twee spectra die de optische diepte moeten gaan versterken: licht - donker en koel - warm. Bij de nu nog overwegend koele, grijze tinten komen nog twee tinten chocoladebruin, misschien zelfs een vlammende voskleur en ik ga nog op zoek naar een Coburger Fuchs als lichte roodbruine tint. Dan zal het palet wel zo'n beetje compleet zijn en kan ik de fase van materiaal aanmaken afsluiten. En beginnen met haken en 'schilderen'. Het begint nu behoorlijk te kriebelen! Maar ja, dat hou je toch met wol.


Een warme bruine tint ga ik spinnen uit een heel kort maar net lang genoeg Ouessant lamsvachtje uit eigen dorp. Chocoladebruin met een warmblonde coupe soleil. En heeeel zacht.




7 juni 2014

De flierefluitster

DE FLIEREFLUITSTER

Keihard zingen in de regen
Wijdarms dansen door het bos
Weg die gêne. Wie houdt haar tegen?
Ze gooit al haar remmen los


Niks geen bh. Gewoon een jurkje
Wind die zacht streelt langs haar huid
Zo lichtvoetig als een elfje
Levenslust die woest ontspruit

Ze laat een bij haar wang begroeten
Knielt rustig bij een zwaan die blaast
Loopt heel de weg op blote voeten
Lacht luidkeels in een storm die raast

Met op haar neus een gele vlinder
En als rechterhand een kraai
Voelt ze de aarde tot ze zindert
En geeft bomen soms een aai

Noem haar maar gek, kinds of naïef
Het maakt haar helemaal niet uit
Ze heeft het leven intens lief
Spelend op haar flierefluit

~  Marieke Vissers, 5 mei 2014 ~

4 juni 2014

VERGETEN VENSTERS

VERGETEN VENSTERS

Ik woon
Jij woont
Hij woont
in een glazen huis

Ik kijk naar jou
maar begrijp er weinig van
Jij kijkt naar hem
en begrijpt er niet veel van
Hij kijkt naar mij
en snapt er niets van

Ik ben
Jij bent
Hij is
alleen

Elk in ons glazen huis
worden we geboren
We gaan er ook weer dood

Toch kunnen we ook samen zijn
Als we kijken door de vensters
zonder glas

Dan zie ik jou
en jij ziet hem
Begrijpen hoeft niet meer

Wij wonen
in een glazen dorp
met vergeten vensters
zonder glas

Dus zet ik mijn bril
af

~ Marieke Vissers, 4 juni 2014 ~

In de zevende hemel



Stoere heideschnucke


29 mei 2014

Uit het ei

Zo kwetsbaar en zo klein
kunnen we allemaal wel eens zijn
Soms is het buiten gewoon te guur
voor heel veel actie en avontuur
We mogen dan best even wegduiken
tot onze kracht weer begint te ontluiken
Daarna kunnen we heel de wereld aan
en zal alles weer van harte gaan
 
 




28 mei 2014

SPROOKJE VAN MOEDER DE GANS

OFWEL: DE KUNST VAN BEGINNEN EN OPHOUDEN

Er was eens... een schone spinster. Een heel fanatieke schone spinster, mag ik wel zeggen. Ze spinde uren op een dag. Want ze had acht kilometer draad nodig om bomen te maken van wol.

De eerste vier kilometer ging dat heel ontspannen. Ze had nog zoveel voor de boeg, dat ze aan het eindpunt niet eens denken durfde. Als vanzelf richtte ze zich steeds alleen op het stukje dat ze die dag kon doen. Daardoor raakte ze noch ontmoedigd, noch gehaast.

Tot ze de eerste vier kilometer achter de rug had. Toen begon ze opeens als een maniak te werken. Vier uur spinnen op een dag werden er vijf, toen zes, toen zeven. Zelfs als ze overdag lekker opgeschoten was, ging ze 's avonds nog door. Tijd om rustig te eten nam ze niet meer en ook aan haar broodnodige dagelijkse wandeling kwam ze niet meer toe. Alles moest wijken voor het spinnen. 's Avonds tolde haar hoofd, waren haar vingers gekerfd van de snijdende draad en deed haar rug van onder tot boven zeer van het lange zitten. En nog was ze niet tevreden over de voortgang die ze had gemaakt. "Ik wil het af hebben," riep ze uit. "Ik ben het zat, ik moet nog zoveel!" Het liefst wilde ze het bijltje erbij neergooien.

Op dat moment vloog er een troep ganzen luid gakkend voorbij haar raam. Het deed haar denken aan een dagdroom die ze een jaar daarvoor had gehad, na het vinden van een ganzenveer.

De schone spinster kwam vaak veren tegen op haar wandelingen. Soms nam ze die mee, zonder zelf te weten waarom. Iets zei haar dan gewoon de veer op te rapen. Zo ook die ene dag een jaar geleden. Het was vroeg in de lente en de dijk waar ze liep lag bezaaid met veren van de ganzen die er broedden. De meeste liet ze liggen, maar er was één veer die haar aandacht trok. Ze raapte hem van de grond en stopte hem in haar jas, waarna ze haar wandeling vervolgde.

Thuis gekomen haalde ze de veer uit haar jas en bekeek hem eens aandachtig. Het was een ganzenveer als alle andere, grijsbruin met een beetje wit. Klein en niets bijzonders. In een opwelling sloot ze een moment haar ogen, terwijl haar vingers de veer losjes omklemden. En opeens bevond ze zich hoog in de lucht, vliegend met grote grijs-witte vleugels. Het waren de vleugels van een gans. Beneden zich zag ze de rechthoekige akkers en weilanden van de polder, in een ruitenpatroon verdeeld door honderden slootjes. Even verderop streek ze neer en begon te grazen. Ze was een grote, dikke gans, zag ze, weldoorvoed, sterk en rond. Een ‘Moeder de gans’.

Door de ogen van Moeder de gans zag de schone spinster hoe een gans leeft. En wat zij daarvan kon leren: “Reis je leven zonder ultieme bestemming. En zonder allerhoogste einddoel. Reis slechts het seizoen volgend. Op zoek naar voedsel om deze winter door te komen. Nooit heen, nooit terug. In het voorjaar slechts uitkijkend naar een plek, nooit naar dé plek, voor wat je die lente te creëren hebt.” De schone spinster worstelde ook in die dagen weer eens hevig met haar neiging om te veel in de toekomst te leven en was net weer vastgelopen in de grootse, verre doelen die ze zichzelf steeds stelde. De boodschap was duidelijk. Toen en nu weer.

Ze dankte de ganzen voor hun herinnering en richtte zich weer op de stukjes werk die ze die dag kon doen. Ze nam tijd om te eten en genoot tussen het spinnen door van haar dagelijkse wandeling. Het project vorderde gestaag. Iets langzamer dan voorheen, maar 's avonds ging ze naar bed met een goed gevoel in lichaam en geest.

Zo leefde de schone spinster in het nu en gelukkig. Af en toe geholpen door moeder natuur en een flinke dosis fantasie. Zo binnen, zo buiten en zo buiten, zo binnen.

25 mei 2014

Mijlpaal in grijstinten

Zo gaat ie goed, zo gaat ie beter... de eerste vier kilometer... Gesponnen uit acht soorten vacht. Een mijlpaal, ik ben nu halverwege. Op naar nog vier kilometer, uit nog acht andere kleuren wol. Deels uit lokale vachten, deels uit de winkel. Ouderwets ontmoet nieuwerwets. Balans tussen handmatig en machinaal, tussen lokaal en wereldwijd, tussen zelf doen en kopen, tussen puur natuur en moderne techniek. Doorslaan naar zwart of wit heeft geen zin. Gezonde balans, het ontdekken van de vele tussenliggende tinten grijs,daar gaat het om.
 

13 mei 2014

Béééterschaap

Een idee om een knuffelkaart te maken uit ruwe vacht liep uit op een eerste experimentje met droogvilten. Leuk, boetseren met wol! Van zo'n 'my first' projectje vind ik het wel lastig afstand doen. Maar dit is een dier met een missie. Wol troost. Dus wat kun je iemand beter onder de riem steken dan... een schaap? 
 
 

30 april 2014

Viburnum wordt kapstok

Ondertussen gaat de productie van materiaal voor project Hersenspinsels gestaag voort. Al die strengen wol wilde ik graag voorlopig ergens ophangen, tot ik ze kan gaan verwerken tot treurwilgentenen voor boom nummer 2. Onze ontheemde viburnum, die sinds de sloop van het huis naast ons ligt weg te kwijnen op de kale bouwkavel, bood uitkomst. Een ochtendje fanatiek zagen en schillen et voilá, meneer of mevrouw viburnum heeft een tweede leven als kapstok in student atelier Marieke Vissers.





29 april 2014

Walliser (schwarznase) weelde

Een wollige verrassing: via de schaapscheerder kon ik twee vachten van het walliser schwarznase schaap kopen. De prachtige lange lokken en het zomerse zonnetje smeekten me in de dagen erna gewoon om te gaan vachtvilten. Dus hop, tafels naar buiten, op de stoep voor m'n atelier. Spannend, want ik had dit nog maar één keer gedaan in een workshop. Al is het eigenlijk niet eens moeilijk. Wel een hele klus en een geel-water-ballet met een ammoniakluchtje. Omdat ik niet genoeg witte lontwol had om de onderlaag mee te vilten, heb ik ook wat donker roze en grijs gebruikt. Grappig gevolg daarvan was dat voorbijgangers dachten dat ik aan het villen was. Ach, villen of vilten, het scheelt maar een lettertje en een schapenleven... Het hele proces oogstte, zo uitgestald op straat in ons conservatieve dorpje, sowieso vele bevreemde en nieuwsgierige blikken. Al durfde slechts een enkeling te iets te vragen. Heerlijk, vijf jaar geleden was ik nog veel te verlegen geweest om zo open en bloot mijn ding te gaan staan doen. Nu maakt het allemaal niet meer uit en kan ik met een grote glimlach anderen over hun schoorvoeten heen helpen. Wat een vrijheid! Met het resultaat ben ik ontzettend blij. En wat was het een welkome afwisseling om, zonder idee of concept, gewoon puur vanuit de liefde voor dit weelderige materiaal te werken. Dankjewel schaapscheerder en dankjewel zwartneuzen.








17 april 2014

Chaos in mijn hoofd

Zo'n dag... Wakker geworden vol ideeën... Eenmaal beneden bedenk ik dat ik zo meteen eerst de afwas moet doen... Of zal ik toch eerst mijn wandeling maken? Oh wacht, eerst die ideeën opschrijven, voor ik ze vergeet... Maar eerst ff gauw m'n email checken... En vooruit, Facebook ook maar even... Wauw, wat is dat voor iets gaafs! Wie heeft dat gemaakt? Via via weer een berg onwaarschijnlijk gave wolwerkers ontdekt... Hoog tijd om terug te keren naar mijn eigen werk... Maar wat? Zoveel ideeën. Ga ik verder met mijn boom? Ga ik dat nieuwe idee voor een lamp uitproberen? Toegepaste kunst is toch ook wel gaaf. Het is niet zoveel werk... Maar dan moet ik eerst naar de winkel. Misschien kan ik dat combineren met mijn wandeling... Oh ja, maar eerst de afwas. En eigenlijk ook nog even stofzuigen... Of toch maar eerst wandelen? Het lijkt erop dat ik het nodig heb... Nee, echt eerst die ideeën opschrijven... Hé, wat ligt daar, oh ja die enquête van de gemeente. Die moet ik echt niet vergeten. Eerst maar even invullen... Wat me herinnert aan het nieuws gisteravond en mijn zorgen over waar het heen gaat met Nederland. Waarom doet niemand iets? Waarom doe ik niets? Dit kan toch niet! Ik moet hier iets over op papier zetten... Tot de conclusie gekomen dat ik het los moet laten. Schrijven helpt altijd. Gewoon verder met mijn eigen ding... Eh, wat ging ik ook al weer doen? Hm, eerst maar eens ontbijten... Enzovoorts, enzovoorts, enzovoorts...

En toch ben ik blij met zulke chaotische en impulsieve dagen. Als ik me eraan overgeef, zitten ze vol verrassende inspiratie en creativiteit. Die afwas, die komt morgen wel.


16 april 2014

My second art yarn

Wol uit zeven nieuwe vachten gekaard, gesponnen en getwijnd tot een artyarn. Ben er een beetje verliefd op. Ze zijn zo mooi, al die naturellen. En tegelijk is kleur ook zo heerlijk. Ik kan niet kiezen. Maar gelukkig hoeft dat ook niet. 

Wat wel hoeft is geduld. Ik heb verschrikkelijk veel zin om met deze nieuwe, stevige texturen een boom nummer 3 te gaan bouwen. De dunne, enkele draadjes van boom nummer 2 lijken opeens zo iel en weinig zeggend. En de productie zo saai. Maar ik maak hem af. De veelheid van al die ijle wol gaat uiteindelijk ook iets vertellen. En ik wil afmaken waar ik aan begonnen ben. Mijn hoofd gaat nu eenmaal sneller dan mijn handen. En mijn hart staat snel in vuur en vlam. Maar in deze beslist mijn buikgevoel. Alles op zijn tijd.

13 april 2014

My first art yarn

Art yarn... ieder draadje is een plaatje...

Gemaakt met gekleurde plukken wol uit de workshop plantaardig verven bij Wolleboom. Geverfd met uienschillen (gelen), fluitenkruid (groenen), meekrap (roden). Het turquoise was voorgeverfd met indigo en in de workshop overgeverfd met fluitenkruid. Al die kleuren eisten gewoon dat ik voor het eerst ging experimenteren met wol mengen op de kaardemolen. Daarna meteen gesponnen en spontaan, wederom voor het eerst, geëxperimenteerd met creatief twijnen. Dat is me toch leuk om te doen! Geweldige texturen ontstaan zo. De 1600-draadjes-treurwilg in natureltinten wil ik persé eerst afmaken, maar ik kan niet wachten tot ik dit kan gaan toepassen in een volgende boom.


10 april 2014

Tai Chi zwaardtas in wording

Het viltproces is stiekem op z'n mooist als de wol nog fluffie is en bezaaid met kleine waterdruppeltjes, die langzaamaan steeds meer textuur geven aan het mengsel van wol en zijde.








22 maart 2014

Treurwilgentenen

Het begin van een nieuwe boom. In natureltinten wol van zoveel mogelijk verschillende schapen, zoveel mogelijk uit de regio. 8 kilometer spinnen en 1 kilometer haken voor de boeg. Plus 1600 wollen treurwilgentenen borduren op heel teer chiffonzijde van 110 bij 300 cm. En die vervolgens twijnen tot takjes, takken, een stam en wortelstelsel. Het voelt heel bijzonder.



15 maart 2014

Wolsoorten

Er zijn wereldwijd zo'n negenhonderd verschillende schapenrassen, in Nederland ongeveer honderd. Elk ras heeft zijn eigen wol met typische kenmerken als kleur, lengte, vezeldikte en het gemak waarmee het te vervilten of spinnen is. In een workshop van Vilt & Vezels in Dordrecht ontdekte ik dat het heel leerzaam is om allemaal lapjes van hetzelfde gewicht aan wol en met hetzelfde oorspronkelijke (wol krimpt immers in meer of mindere mate tijdens het viltproces) formaat te vilten. Zo ervaar je hoe de verschillende wolsoorten zich gedragen en wat hun effect is.


Experimenteren met textuur

Door te spinnen met heel veel twist en die draad dan te twijnen, ontstaat hele onregelmatige draad, die doet denken aan de knoestigheid van bepaalde bomen. Ook de soort wol maakt verschil. Vooral de lange haren van bepaalde heideschaap-achtigen geven mooie rafels of lusjes.

Bij het vilten van snoeren heeft ook de duur van het rollen invloed op het resultaat. Omdat het rollen van de snoeren heel arbeidsintensief is een veel tijd kost, ben ik ook aan het uitproberen om dit werk deels door de wasmachine te laten doen.

Om later nog te kunnen zien welke techniek tot welk resultaat leidt, krijgen alle experimentele draden en snoeren een label.



De eerste spinsels

En toen was het oefenen met spinnen geblazen, op weg geholpen door de zeer behulpzame mensen van De Schapekop in Nieuwpoort. Mijn allereerste streng, gesponnen uit de ruwe vacht van het Zwartbles schaap en eenmaal getwijnd, was super onregelmatig. Typische beginnersdraad, maar eigenlijk des te mooier. Dunner spinnen is gemakkelijker en ook helpt het als de wol gekaard is. De onderste strengen zijn gesponnen uit industriële lontwol van Zuid Amerikaanse en Scandinavische Merinoschapen.


 

Knotwilg

De eerste boom van vilt werd de typische polderboom, knotwilg, van twee meter hoog. Belangrijk voor het project is om consequent te blijven in de constructie en van daaruit de verschillende boomsoorten weer te geven.

Door verschillende groentinten en naturellen te gebruiken creëerde ik een vrij realistisch effect. Uiteindelijk wil ik in huidtinten gaan werken, als verwijzing naar de menselijke ontworteling. Bovendien hoop ik zo enige abstractie te creëren en zo een voor de kijker uitdagender beeld. Even Photoshoppen geeft een indruk van hoe dat eruit kan gaan zien.

Deze wol in industrieel en synthetisch geverfd. Uiteindelijke ga ik mijn wol zelf kleuren met plantaardig materiaal, zoals meekrap, rode uienschillen of avocado. In april volg ik daarvoor les bij Hilde Vleugels. Ik wil uiteindelijk het hele project zoveel mogelijk ambachtelijk en met natuurlijke en lokale materialen uitvoeren.



Het begin van Project Hersenspinsels


Het begon allemaal met een spontaan experiment: katoenen garen vlechten volgens de structuur van een boom. Aan de uiteinden bevestigd op een restje katoenen kaasdoek. Twijgjes werden takken, takken werden dikke takken en dikke takken vormden tezamen een stam. Een stam die volgens dezelfde structuur weer kon worden uitgesplitst in het vertakte netwerk van de wortels. Of in de knoop in de lucht kon bungelen: ontworteld.

Eigenlijk begon het al eerder: bij het idee om van vilten snoeren een navelstreng te maken. Dat was weer naar aanleiding van een spekstenen beeldje, dat spontaan ontstaan was in de vorm van een foetushouding, mijn "Kunstkind". De navelstreng gaat over verbinding, over voeding, over afhankelijkheid en uiteindelijk de stap naar zelfstandigheid. De verbinding tussen moeder en kind, de oerverbinding met het leven, ofwel: geworteld zijn.

Een fascinatie voor in elkaar gedraaide strengen, als symboliek van de zeer persoonlijke thema's verbinding en (ont)worteling, was geboren. De textuur van vooral de stam smaakte naar meer. Naar groter en robuuster: vilten snoeren. Of juist naar teer, zacht en complex: heel veel dun gesponnen draden. Dit was het werkelijke begin van mijn ontdekkingsreis in de wereld van wol.



Vijf soorten ruwe schapenvacht in één

In een workshop bij De Schapekop in Nieuwpoort heb ik leren vachtvilten. Ik kon echter niet kiezen uit alle mooie vachten en dus heb ik vijf verschillende vachten gecombineerd tot één.


21 november 2013

First felting project

Nadat ik bij Atelier Lokaal in Lekkerkerk de grondbeginselen van het vilten heb geleerd, ben ik zelf aan het experimenteren geslagen met allerlei soorten wol en zijde. Eerst in natureltinten, daarna met een onderlaag van kleur. Ik hou erg van de doorschijnende gelaagdheid en textuur die zo ontstaat.